FTP-test, 4DP of lactaattest: welke test past bij jouw doel?

In de wereld van de duursport bestaan er misschien wel honderd verschillende manieren van testen, en voor de meeste valt waarschijnlijk wel wat te zeggen. Je hebt waarschijnlijk weleens gehoord van een FTP-test en lactaattesten, en misschien ook nog wel van INSCYD. Een relatief nieuwe ontwikkeling binnen het ecosysteem van Wahoo is de combinatie van 4DP en DTL. De manier waarop 4DP test is op zichzelf niet nieuw, maar met Dimensional Training Load heeft Wahoo daar een nieuwe manier van analyseren aan toegevoegd. In plaats van trainingsbelasting alleen als één getal te bekijken, wordt er gekeken naar welk gedeelte van je vermogensprofiel daadwerkelijk belast is.

Maar wat is het dan precies, en wat is het verschil met andere testen?

Wat is het verschil tussen de verschillende testen?

In eerste instantie is er niet per se één goede of foute manier van testen. Alleen passen bepaalde testen beter bij bepaalde sporten, atleten en doelen. Een FTP-test kan bijvoorbeeld voldoende en praktisch zijn wanneer je voornamelijk geïnteresseerd bent in je vermogen rond je tweede drempel en langdurig hoge intensiteit. Maar wil je bijvoorbeeld je eerste drempel, LT1, beter in kaart brengen, dan heb je andere informatie nodig. Bijvoorbeeld lactaatmetingen of ventilatoire data.

Daarom kan het voor atleten waarbij de wedstrijdintensiteit grotendeels rond of onder LT1 ligt — denk bijvoorbeeld aan een hele triathlon — interessanter zijn om een lactaattest uit te voeren. Daarnaast kan het in sporten waarin je veel verschillende soorten inspanningen moet leveren, zoals wielrennen, interessant zijn om breder te testen. Denk bijvoorbeeld aan INSCYD of 4DP.

Wat meet een 4DP-test?

Bij een 4DP Full Frontal-test wordt niet alleen gekeken naar je FTP, maar naar vier verschillende vermogens:

NM – Neuromuscular Power: je sprintvermogen, getest met korte inspanningen van 5 seconden.
AC – Anaerobic Capacity: je anaerobe capaciteit, getest met een maximale inspanning van 1 minuut.
MAP – Maximal Aerobic Power: je maximale aerobe vermogen, getest over 5 minuten.
FTP – Functional Threshold Power: bepaald aan de hand van een inspanning van 20 minuten.

De volledige Full Frontal-test combineert twee 5-secondenprints met een maximale 5-, 20- en 1-minuutinspanning. Daardoor ontstaat een veel breder vermogensprofiel dan wanneer je alleen FTP test. En juist daar wordt het interessant. Twee wielrenners kunnen bijvoorbeeld allebei een FTP van 300 watt hebben, maar fysiologisch een compleet ander vermogensprofiel. De ene kan beschikken over een enorme sprint en anaerobe capaciteit, terwijl de ander juist veel sterker is in langdurige inspanningen. Alleen op basis van FTP zou je deze atleten vrijwel hetzelfde beoordelen, terwijl hun kwaliteiten en limiters totaal verschillend kunnen zijn.

En waar komt DTL om de hoek kijken?

DTL staat voor Dimensional Training Load. In plaats van een training alleen te beoordelen op de totale belasting, analyseert Wahoo hoeveel belasting die training geeft binnen de verschillende onderdelen van je 4DP-profiel. Een rustige duurtraining kan daardoor vooral belasting geven binnen het aerobe gedeelte van het profiel, terwijl een training met korte explosieve intervallen veel meer nadruk legt op AC en NM.

Dat maakt het interessant, omdat niet alleen de vraag “hoe zwaar was deze training?” wordt beantwoord, maar ook “wat hebben we met deze training belast?” Daarmee krijg je dus meer informatie over de aard van de trainingsprikkel en niet alleen over de totale belasting van een sessie.

Maar wat heb je hier als triatleet aan?

Zoals ik al aangaf is 4DP-testing uitstekend toepasbaar op wielrenners, omdat je hiermee verschillende kwaliteiten en limiters binnen het vermogensprofiel kunt ontdekken. Maar dat betekent niet dat het voor triatleten niet interessant is. Triathlons zijn over het algemeen veel constanter qua intensiteit, maar ook dan kan zo’n test inzicht geven in limiters aan de bovenkant van het spectrum.

Stel dat een atleet een relatief lage MAP heeft ten opzichte van zijn FTP. Dan kan dat erop wijzen dat er relatief weinig ruimte meer zit tussen FTP en het aerobe plafond. In zo’n situatie kan het interessant zijn om tijdelijk meer nadruk te leggen op VO₂max/MAP-training, om daarna vanuit een hoger plafond opnieuw verder te bouwen aan FTP. Dat betekent niet automatisch dat VO₂max-training altijd de juiste keuze is — het uiteindelijke doel, de trainingsgeschiedenis en het volledige profiel blijven bepalend — maar 4DP geeft wel extra informatie om die keuze te maken.

Wat 4DP minder goed laat zien, is waar bijvoorbeeld LT1 precies ligt. Daarvoor geeft een lactaattest of een test waarbij ventilatoire drempels worden bepaald veel directere fysiologische informatie. Ook daar zijn interessante ontwikkelingen gaande. Een voorbeeld is Tymewear, waarbij een borstband ventilatie meet en daarmee VT1 en VT2 probeert te bepalen zonder het traditionele gasmasker uit een sportlab.

Welke test moet je dan kiezen?

Kortom: het soort test is, net als training, uiteindelijk gewoon een tool. En een tool heeft alleen waarde als hij antwoord geeft op de vraag die je probeert te beantwoorden. Voor een wielrenner of korteafstandstriatleet kan een FTP- of 4DP-test een prima uitgangspunt zijn wanneer je vooral wilt weten waar je vermogensmatige kwaliteiten en limiters liggen.

Voor een marathonloper of langeafstandstriatleet zou ik persoonlijk eerder kiezen voor een lactaattest. Niet omdat 4DP daar waardeloos is, maar omdat ik bij die atleten veel geïnteresseerder ben in wat er gebeurt aan de aerobe kant van het spectrum en waar bijvoorbeeld LT1 ligt.

En uiteindelijk is dat voor mij de kern van testen: wat is jouw doel? Welke limiters willen we kennen? Hoe kunnen we die meten? En hoe gaan we ze vervolgens verbeteren? Dat is ook hoe ik binnen mijn coaching naar testen kijk. Niet testen om het testen of omdat een bepaalde test populair is, maar de test kiezen die ons de informatie geeft die nodig is om gericht naar jouw doel toe te werken.

Wil je weten welke test het beste past bij jouw doel? Bekijk mijn lactaattesten of lees meer over mijn coaching.

1 gedachte over “FTP-test, 4DP of lactaattest: welke test past bij jouw doel?”

  1. Pingback: Trainingsplanning duursport: wat, wanneer en waarom?

Reacties zijn gesloten.

Scroll naar boven